Het schoolmuseum
De banken staan in rechte rijen opgesteld, de lapjes om de leien schoon te vegen zitten netjes vastgeknoopt en de lessenaar staat iets hoger dan de rest van de klas: zo zag een schoolklas uit de keizertijd er uit.

De verheven positie van de lessenaar geeft het al aan: de onderwijzer was het middelpunt van de les. Hij gaf de kinderen niet alleen les, hij voedde ze ook op. Zijn belangrijkste hulpmiddel was het grote draaibare schoolbord. Maar ook het telraam met de houten kralen was heel handig. Maar wat de kinderen het boeiendst vonden waren de kleurige wandplaten, die de onderwijzer al naar gelang het onderwerp van de les ophing. Vanaf ongeveer 1890 brachten zij de grote wijde wereld in het klaslokaal.

Plattelandsscholen bestonden meestal slechts uit één klas, waar de kinderen van de eerste tot de achtste klas van één enkele onderwijzer les kregen. Het kwam dan ook vaak voor dat zo'n klaslokaal uit zijn voegen barstte. Er werd gestreefd naar een aantal van 60 leerlingen, maar menigmaal verdrongen zich wel 100 kinderen in de banken. Daarom is het ook niet verwonderlijk dat het onderwijs er nogal eenvormig was: de onderwijzer presenteerde de lesstof en de leerlingen leerden door hardop herhalen en overschrijven.

Naast lezen, schrijven en rekenen speelden in de keizertijd op school ook de vakken muziek en godsdienst een belangrijke rol. Tijdens de muziekles werden niet alleen kerkelijke liederen ingestudeerd maar ook volksliedjes, die dan op grote feestdagen zoals de verjaardag van de keizer ten gehore gebracht werden.

De gymnastiekles werd beschouwd als een bijdrage van de school aan de militaire training, en was dus alleen voor de jongens bedoeld. Ze moesten meestal twee aan twee aantreden en dan op commando van de onderwijzer oefenen op in de pas lopen. De meisjes kregen in de tussentijd handwerkles. Meestal werd er gehaakt, gebreid of gestopt, maar ook koken, bakken en inmaken stonden wel op het programma.

De godsdienstles werd meestal door de pastoor gegeven. Er werd onderscheid gemaakt tussen bijbelse geschiedenis en catechismus. Maar ook buiten het godsdienstonderwijs om had de kerk grote invloed op het schoolleven. Opvoeding tot goede christenen was het doel, en om dit te bereiken was de dorpsjeugd niet alleen op school onderworpen aan de autoriteit van de pastoor en de onderwijzer. Wie 's middags betrapt werd op het pikken van appels, wie 's avonds nog laat op straat werd gezien of wie 's morgens voor school niet bij de mis was, werd met het rietje bestraft. Kinderen moest discipline worden bijgebracht, en opvoeding was belangrijker dan vorming.

Impressies:

  • DCP_0404
  • titelbild
  • vorschaubild

Simple Image Gallery Extended

Videos:

De Bu brauch en Schmeer - Pleizenhausener Mundart mit Josef Peil (Vorderer Hunsr√ľck).

 

 Aktuelles



Sonderausstellung "Von der Kuh ins K√ľhlregal"


Ausstellungser√∂ffnung Kuh im K√ľhlregal Die Milchmach-Ausstellung "Von der Kuh ins K√ľhlregal" des LVR-Freilichtmuseums Lindlar erg√§nzt mit Bildern von Molkerein in Rheinland-Pfalz um 1960 aus dem Bestand der milag Bad-Kreuznach.
Weitere Infos [+]


Sonderausstellung
"In kleinster Weise"


In kleinster Weise

Bis zum Saisonschluss 2018 ist im Besucherzentrum unsere neue Sonderausstellung zu sehen.
Zur Sonderausstellung [+]

Projekt DiMiDo des Studierendenwerks


DiMiDOo

Wir sind ab sofort Partner im Projekt DiMiDo dem Kultursemesterticket f√ľr Trierer Studis: Studierende aller Standorte der Hochschule Trier, der Universit√§t Trier und der Theologischen Fakult√§t haben am Dienstag, Mittwoch und Donnerstag freien Eintritt.